Ik ben de dingen rondom mij
Flore van Sparrentak omringt zichzelf graag met dingen. Soms plukt ze die dingen uit het leven weg en bergt ze deze op in dozen. Soms pakt ze die terug uit de doos en worden ze opnieuw deel van een groter geheel aan bijvoorbeeld de muur van een tentoonstelling. Zoals in haar afstudeerpresentatie Ik ben de dingen rondom mij. Samen scannen we de ruimte af die ze voor deze gelegenheid met beelden en klanken opvulde.




LIENE AERTS
Flore, wat bedoel je met ‘Ik ben de dingen rondom mij’?
FLORE VAN SPARRENTAK
De titel is ontstaan in het seminarie Things we don’t understand van Mekhitar Garabedian. Ik schreef een tekst over de manier waarop we onze identiteit construeren door onszelf te omringen met objecten. Zo schreef ik:
Dingen die me aan andere dingen doen denken, die ik heb gezien en die ik heb gedaan, liggen daar aan mijn vensterbank. En steeds vaker omring ik mij met dat wat ik opraap. Het toont me wie ik ben geweest en wat ik heb gezien.
Het is alsof we onze identiteit construeren met behulp van de dingen rondom ons. Dit staat in relatie tot sociale media en ons digitaal beeldarchief: we consumeren ons eigen verleden en dat van anderen op sociale media. Binnen deze veelheid lichten we een aantal delen uit, kiezen we wat we wel en niet willen zien.
LA
Je beschrijft je installatie als ‘een parallelle geluidsmontage’. Bestaat deze zoals ze nu is eenmalig voor jou? Wat gebeurt er met ‘de onderdelen’ eenmaal van de muur gehaald?
FVS
De montage (zowel in klank als in ruimte) is tijdelijk. Ik zou willen toegroeien naar een praktijk waarbij mijn atelier één groot archief is met gevonden dingen: (digitaal) beeld, objecten, herinneringen. Het maken van werk is een greep doen uit deze vijver van beeld en geluid, alle onderdelen assembleren en monteren, even betekenis maken om ze daarna weer af te breken en in mijn archief te plaatsen. Geordend, in dozen verpakt, met labels en namen die niet altijd kloppen.




LA
De straat of het archief?
FVS
Eerst de straat, dan het archief? Het archief als straat? Ik ben mij ervan bewust dat mijn omgeving zeer ‘veilig’ is. Ik leef een braaf avontuur. Het is de uitdaging om binnen dit comfortabele in- en uitgangen te vinden: voor de buitenwereld, voor de toeschouwer. Het liefst ben ik een aanwijzer: stilzwijgend wijs ik naar datgene wat mij opvalt in de hoop dat er iemand langs mijn vinger meekijkt.
Warme dekens liggen in lagen over me heen. Nu is het tijd om daar een klein gaatje in te knippen, een luikje voor mijn ogen. En misschien maak ik zelfs nog een opening, waar mijn hand doorheen past, een hand om contact te maken met alles dat buiten kader valt.
LA
Lijmen of klemmen?
FVS
Interessant dat je eerder al eens vertelde hoe je tijdens het kijken naar mijn werk vooral bezig was met ‘de manier waarop’. Hoe zijn de speakers tegen de muur geplaatst? Met welk materiaal is de foto vastgebonden aan de champagnekroon? Je vond de sporen van mijn maken: bubbels in epoxy, lijmresten, schuin afgesneden krimpkousen, met naald en draad vastgemaakt papier. Als ik door een tentoonstelling loop, zijn het meestal ook deze dingen die mij opvallen. Ik spoel het maakproces terug, zie hoe de lijnen gezet zijn, het kader getimmerd.
Ik zou graag naar een presentatie toewerken waarin een toeschouwer het gevoel heeft mijn objecten en beelden zelf te hebben gevonden: deze mee vindt, toe-eigent, een foto neemt, die uitprint en zelf wegsteekt. De opstelling zelf is tijdelijk: delen zouden gevonden en meegenomen kunnen worden, maar ook bijgeplaatst.




LA
Oprapen en/of loslaten, verzamelen en/of bijhouden?
FVS
Oprapen is loslaten. Het verzamelen is voor mij geen kwestie van hoarding of hebzucht, het is een spel. Als ik iets vind, is dit een letterlijk punt in de tijd, iedere keer opnieuw. Het helpt mij om op een losse manier door mijn dagen te gaan, om het vinden van dingen te verbinden aan periodes.
LA
Wat ligt er momenteel op je nachtkastje? Wat verzamelde je als kind en wat verzamel je nog steeds?
FVS
Tijdens de opbouw van de afstudeertentoonstelling moest ik steeds denken aan ‘de rode tafel’ in mijn kleuterklas. Iedere week mocht een andere leerling zijn/haar verzameling op de rode tafel uitstallen. Zo waren er verzamelingen lego, playmobilpoppetjes, stenen, uitgeknipte reclamefolders. Ik ben vergeten wat ik er zelf toonde, maar ik herinner me het gevoel om een ruimte te krijgen voor het tonen van mijn verzameling, dat het als belangrijk gezien werd en een plaats in de klas kreeg. En ook dat de dingen die ik verzamelde iets over mij vertelden.
Tijdens de opbouw kreeg ik dus eenzelfde gevoel: ik kreeg een plaats binnen de schoolmuren waar ik de dingen kon tonen die ik belangrijk vond, waar het gezien werd en ik via die dingen iets over mijzelf mocht vertellen. Heel kinderlijk maar ook wel zeer lief, een lief instituut.




LA
Wat spreekt je aan in de speelkaart?
FVS
Niet de symboliek van de speelkaart, wel de betekenis in het vinden ervan. Mijn eerste notitieboekjes speelden een grote rol in het vormen van mijn identiteit als kind en puber. Op mijn veertiende kocht ik mijn eerste ‘echte’ boekje. Die dag vond ik een speelkaart op straat. Het voelde als een betekenisvol toeval dus plakte ik die op de eerste bladzijde. Sindsdien ben ik gevonden speelkaarten beginnen verzamelen, ik heb bijna een volledige set. Ik hanteer de regel dat er maar één kaart tegelijkertijd opgeraapt mag worden en het moet de eerste zijn die ik zie.
LA
Teken je soms ook?
FVS
Enkel schetsmatig. Ik vond mijn tekening terug van de roze kralenketting vlak voordat ik de serie insecten in plastic maakte. In deze epoxy-blokjes zit een LCD-schermpje gegoten waarop één kort fragment te zien is dat voor altijd in loop staat. De kralenketting is te zien op één van deze schermpjes en de schaal van de schermpjes deed mij denken aan een kraal of talisman. Ik wilde van ‘het digitale beeld’ iets maken dat je bij je kan dragen, in je zak kan steken, aan elkaar kan rijgen.




LA
Ik zag je jezelf ergens afvragen: “Is er een opening, een pad dat mijn werk inleidt?” Ik zou zeggen: je wijst ons de weg zelf aan, het pad naar nieuwe manieren van tussen werelden in kijken.
FVS
Ik zie parelkettingen van ontdekkingen en herinneringen van u en soms ook van mij,
een spiegelpaleis van reflecties,
een sleutelhanger met foto,
een broekzak met speelkaart,
een gsm met flashgeheugen,…
De containers laten zich langzaam, bijna onzichtbaar, opvullen en worden mee op weg genomen. Vastgeplakt of uitgekieperd, ze vormen tijdelijke montages van subtiele stukjes realiteit om naar te kijken. Dan zie je ons graag deelnemer worden, deel uitmaken van dat wat tussen jouw trottoir en mijn macadam in ligt, tussen haar oor en hun mond in hangt, wat horizontaal weerklinkt en verticaal ophangt in de ruimte.
“Je rijgt een parelsnoer... Elk van die cirkels staat voor één handeling. En dat is het hem nu net: elke handeling heeft dezelfde waarde. Ik ben degene die de volgende parel aan het snoer rijgt. Dat is alles.”
The String of Pearls tool van psycholoog Phil Stutz is een manier om naar jouw werk en bij uitbreiding naar het leven te kijken. Elke actie draagt evenveel waarde in zich. Dit doet jouw werk — het wijst alle acties aan als een even belangrijk onderdeel in de creatie van.




tekst: Liene Aerts
foto's: Flore van Sparrentak










